Nieuws
     

Actueel

Klimaat (column LINDA.)

‘Schaam je je nooit?’ vraagt mijn dochter. ‘Schamen, waarvoor?’ vraag ik terug want bij mijn weten gedraag ik me al jaren voorbeeldig, een enkele dronken dans daargelaten. ‘Nou, voor je footprint.’

We zijn op vakantie, we zitten achter een grote burger, met kaas en bacon, op wit brood, een uitgelezen moment om hierover te beginnen. Mijn zoon brandt los over de allesvervuilende vleesindustrie, mijn dochter over mijn verwarming, op gas notabene, mijn auto, op diesel notabene, mijn openhaard, mijn heater en mijn veelvuldige vliegreizen naar Ibiza. Op een rijtje klinkt het inderdaad heel erg en ik zoek in mijn geheugen naar munitie, iets om mee terug te slaan en dat blijkt niet moeilijk. Kijk eens wat je zit te eten. En hoe lang hebben jullie vanochtend allebei onder de douche gestaan, nou? O ja, die doekjes waarmee jullie je gezicht en je kont schoonmaken, hoe erg zijn die wel niet? Trouwens, het meest milieuvervuilende dat ik ooit gedaan heb, is toch wel het baren van twee kinderen. Zo. Nu heeft niemand meer zin in de goddelijke berg vlees die op ons bord ligt. De kinderen barsten uit in excuses. Nooit eten ze vlees, of tenminste bijna nooit. Alleen nu, op vakantie en het is biologisch, dat stond in het menu. En ze nemen een tasje mee naar de supermarkt, doen bijna alles op de fiets en eten geen bosbessen uit Chili, zoals ik. Nee mam, je kan hoog en laag springen, maar jij moet echt werken aan je footprint, met je vier kranten en je ligbad.

Het is eindelijk zover, mijn kinderen zijn activistisch geworden. Ze hebben over heteronormatief en framen en shamen en eindelijk hebben we dezelfde discussies over politiek en milieu zoals ik in mijn puberteit had met mijn ouders. Liever rood dan dood, alle kernwapens het land uit en stop de zure regen. Dezelfde angsten als ik destijds had en die uitstekend werden samengevat door Doe Maar: ‘Carrière maken, totdat de Bom valt, werken aan de Toekomst, totdat de Bom valt’. Ik lag er wakker van. We kregen folders in de bus wat te doen als het zover was, we zagen op weg naar Wintersport (schande!!!!) de bergen bezaaid met bruine naaldbomen en we moesten er maar van genieten, want we stonden voor een ecologisch Hirosjima. Nog even en er waren geen bomen meer, en ook geen sneeuw, als de Bom niet al was gevallen.

De Bom viel niet en de Zure Regen zette niet door dankzij overheidsingrijpen: de uitstoot van zwaveldioxide moest met 70% naar beneden en de ammoniakuitstoot teruggebracht naar de helft rond het jaar 2000. Er kwam loodvrije benzine, de stroomprijs ging omhoog en de intensieve veehouderij moest aan de slag met ‘de schijt die ons zou doden.’

Ik vertel hen met zichtbaar genoegen over de demonstratie tegen de Bom, waar ruim vierhonderdduizend mensen op af kwamen. Mijn dochter zucht. ‘Ja mam, leuk voor je.’

‘Rechts en links liepen hand in hand,’ probeer ik nog.

‘Toen geloofde jullie de wetenschap nog,’ zegt mijn zoon. ‘Wij strijden tegen types die denken dat weerman Gerrit Hiemstra betrokken is bij een links complot, geleid door Soros en Hillary Clinton, met als doel islamisering van Europa en politieke partijen die deze types nog serieus nemen ook. Ze zeggen dat de klimaatverandering een leugen is.’

Ik durf niet eens meer te kijken naar de hamburger die we zo-even nog vol overtuiging bestelden. ‘Laten we hem toch maar eten, anders is het nog veel vervuilender,’ zegt mijn dochter. Zwijgend peuzelen we, de harten zwaar van schuld.

‘Oké,’ zeg ik na een tijdje. ‘Ik moet iets doen. Dus ik ga mijn auto inruilen voor een Prius.’

‘Echt? O nee gatver, zo lelijk, dat meen je toch niet? Doe dan een Tesla!’

Het gaat nog niet meevallen, die toekomst.

Deze column verscheen eerder in de LINDA.